Feiten

Gezond gewicht

Demo behandeling

Een gezond gewicht willen we allemaal, maar wat is het eigenlijk precies? We kunnen stellen dat iemand een gezond gewicht heeft als er geen verhoogd gezondheidsrisico is vanwege het lichaamsgewicht.
Zwaarlijvigheid is niet het enige gevaar dat op de loer ligt. Ook een te laag lichaamsgewicht brengt gezondheidsrisico's met zich mee.

Body Mass Index (BMI)

Om te bepalen of gewicht en lengte met elkaar in verhouding zijn, wordt vaak de Body Mass Index (BMI) gehanteerd. De BMI kan berekend worden door het gewicht in kilo's te delen door het kwadraat van de lengte in meters. Bij iemand die 1,70 meter lang is en 65 kilo weegt, krijgen we het volgende sommetje: 65 delen door 1,70 in het kwadraat is 22,5. Volgens onderstaande tabel een gezond gewicht.
De getallen gelden alleen voor blanke volwassenen van 19 tot 70 jaar. Voor jongeren, bejaarden en bepaalde etnische groepen zijn er andere richtlijnen.

BMI onder 17,5 Ernstig ondergewicht
BMI tussen 17,5 en 18,5 Ondergewicht
BMI tussen 18,5 en 20 Gezond gewicht maar aan de lage kant
BMI tussen 20 en 25 Gezond gewicht
BMI tussen 25 en 30 Overgewicht
BMI tussen 30 en 40 Ernstig overgewicht
BMI boven 40 Zeer ernstig overgewicht

De BMI zegt niets over de verdeling van het lichaamsvet. Lichaamsvet in de buik levert veel meer gezondheidsrisico's dan vet dat zich onderhuids op heupen, billen en dijen bevindt. De BMI maakt dit onderscheid niet. Het is dus mogelijk dat iemand met een hoge BMI een relatief laag risico heeft diabetes te krijgen omdat het merendeel van het vet zich op de heupen bevindt of omdat iemand heel gespierd is. Het omgekeerde is ook mogelijk: iemand met een BMI die niet wijst op ernstig overgewicht kan toch een hoog risico hebben als het merendeel van het lichaamsvet zich in de buik bevindt.
Daarom kan aan de hand van de BMI alleen niet geconcludeerd worden of een bepaald lichaamsgewicht wel of niet gezond is.

Terug

Tailleomtrek

Wanneer er sprake is van overgewicht, zal met name het lichaamsvet dat zich in de buik bevindt nadelige gevolgen voor uw gezondheid hebben. Hoe meer vet er zit, des te hoger het risico op diabetes mellitus type II en hart- en vaatziekten. Vet dat onder de huid zit, bijvoorbeeld op heupen, billen en dijen, levert geen risicoverhoging op.

Uit onderzoek is gebleken dat het meten van de tailleomtrek een indicatie geeft of u in de gevarenzone zit. U kunt uw tailleomtrek eenvoudig zelf meten met behulp van een centimeter. Voel eerst waar de onderste rib en de bovenkant van uw bekken zit. Leg de centimeter in het midden van deze twee punten en sla deze om uw middel heen. Meet uw tailleomtrek op als u heeft uitgeademd.

  Geen verhoogd risico Verhoogd risico Sterk verhoogd risico
Mannen 94 cm of minder Tussen 94 en 102 cm 102 cm of meer
Vrouwen 80 cm of minder Tussen 80 en 88 cm 88 cm of meer

Deze getallen gelden voor blanke volwassenen. Bepaalde etnische groepen hebben een hoger risico op het ontwikkelen van diabetes mellitus en hart- en vaatziekten. Voor hen gelden daarom andere getallen. U kunt online de Diabetes Risicotest doen die met deze en nog meer factoren rekening houdt.

Terug

Dun of dik, het zegt niet alles

Een lichaamsgewicht binnen de gezonde grenzen vormt niet automatisch een garantie dat er geen verhoogd risico is op aandoeningen die gerelateerd zijn aan overgewicht. Jimmy Bell, een Britse onderzoeker, bekeek met behulp van MRI-scans naar de verdeling van het lichaamsvet bij meer dan achthonderd Britten, variërend van superslank tot erg dik.

Hij kwam tot de ontdekking dat lichaamsgewicht niet zondermeer een aanwijzing is voor een verhoogd risico op aandoeningen zoals diabetes type 2 of hart- en vaatziekten. Ook slanke tot superslanke mensen kunnen een sterk verhoogd risico hebben als zij veel vet rond de organen hebben, in het bijzonder de lever. Dit is aan de buitenkant niet te zien; hoeveel vet er rond de organen is opgeslagen, kan alleen door middel van een MRI-scan worden vastgesteld.

Het is geen uitzonderlijk verschijnsel, bij zo’n tien tot twintig procent van de mensen is geen sprake van overgewicht maar wel van een verhoogd gezondheidsrisico vanwege een grote hoeveelheid vet rond de organen. Het omgekeerde komt ook voor: mensen met overgewicht die kerngezond zijn omdat ze weinig tot geen orgaanvet hebben.

Hoeveel vet iemand rond zijn organen opslaat, hangt af van meerdere factoren. Erfelijkheid speelt een rol, maar ook leefstijl is van belang. Lichaamsbeweging heeft een positieve invloed, evenals het eetpatroon. Zo kan een dik persoon met een actieve leefstijl en gezond eetpatroon, stukken gezonder zijn dan een slank iemand die liever op de bank zit te snacken.

Terug